Ja, goeiedag, Linda.
Sorry, zij is er niet.
Ja, hoor. Daag!
Goeiedag, meneer Devos.
Nee, helemaal niet.
Een ogenblik... Ik roep hem dadelijk.
Nee,meneer. U bent verkeerd verbonden.
Dat geeft niet.
Goedemorgen, u spreekt met Peters.
Daar spreekt u mee.
Hij is er op dit ogenblik niet.
Tot uw dienst!